trein-emotie-huilen-denderen-ongekunsteld

Apologie voor publiekelijk janken

Soms gaat een popliedje over iets groots. De woorden lijken op het eerste oog eenduidig, maar blijken bij nadere beschouwing bezield door een metafoor. Een letterlijke beschrijving van iets groots moet wel verzanden in banaliteit. Een metafoor bezit daarentegen het potentieel om héél even de Waarheid te tonen. ‘Crying in public’ van Chairlift is zo’n liedje.

Plaatsvervangende schaamte

Als ik iemand zie huilen in de trein schaam ik me altijd plaatsvervangend. Hierin sta ik vast niet alleen. In onze wereld hebben we een (on)duidelijke grens getrokken tussen privé en publiek, en janken is een handeling die bij uitstek in die eerste sfeer thuishoort. Net als masturberen, bidden en krijsen hebben we met elkaar afgesproken dat we verdriet wegstoppen achter de voordeur-drempel. Als de trein ook nog eens overvol zit en de huilende getroost of vermaand wordt door een ander, is het circus compleet. Iets met een grond en er doorheen zakken.

Blijkbaar accepteren we stilzwijgend een sociale norm. Vrij bewegen door de openbare ruimte vraagt van ons een stabiele emotionele toestand. De imperatief luidt: gedraag je vlak. Hou jezelf in de hand. Voor het overmatig tonen van emoties kennen we toegewezen plaatsen: de huiskamer, het crematorium, de praktijk van de psycholoog. Het zou wat zijn als iedereen zijn medestadsbewoners aan de lopende band een inkijkje in zijn of haar gevoelsleven gaf. Het is gemakkelijk om te vergeten, maar maatschappelijke conventies, ja zelfs betuttelende regeltjes maken onze individuele vrijheid in de eerste plaats mogelijk.

Om kort te gaan: iedereen dient zich een beetje hetzelfde te gedragen in de publieke ruimte. Geen onderlinge verschillen. Het is geen toeval dat on-verschillig een synoniem is voor emotieloos. Gevoel is een product van verschil; emoties ontstaan door onderscheidingen. De gelijkvormigheid impliceert een norm die de onderdrukking van het gevoelsleven eist.

Een piemel in de trein

Het spreekt voor zich dat niet ieder individu tot op de centimeter dezelfde sociale conventies ernstig neemt. Zo zat ik afgelopen week in de trein toen opeens een vrouw in het zitje achter mij uitriep: ‘Gaat-ie lekker?!’ Een man schuin tegenover haar stond op en lieprichting de uitgang, een dubieuze geur achterlatend. De trein kwam tot stilstand op het station en ik ving door het raam nog net een glimp van z’n ongewassen sluikhaar op. Wat was er aan de hand? ‘Dat wil je niet weten’, zei de achterbuurvrouw.

Er zijn klaarblijkelijk treinreizigers die van alle potentiële handelingen de absolute voorkeur geven aan het tevoorschijn toveren van hun piemel. Dat is op zich opzienbarend.

Misschien houden we er juist wel allemaal min of meer dezelfde conventies op na. Dat is namelijk precies tegen zo’n conventie aanschoppen waar deze potloodventer een harde plasser van krijgt: van het aanlopen tegen dit soort conventies. Zo bevestigt hij de sociale norm die er heerst: hij gebruikt die om in het middelpunt van de aandacht te kunnen staan. Dat sorteert effect: hij was in ieder geval in het leven van een paar andere reizigers gedurende vijf minuten hét onderwerp van gesprek. Maar uiteindelijk bevestigt de subversiviteit van een piemel in de trein opnieuw de bestaande orde.

Het leven is overweldigend mooi

Gelukkig gaat het liedje ‘Crying in public’ niet over ruzie, ellende of blote geslachtsdelen. Chairlifts frontvrouw Caroline Polachek zingt in het refrein over haar publiekelijke emoties: ‘I’m sorry I’m crying in public this way, I’m falling for you, I’m falling for you. I’m sorry I’m causing a scene on the train, I’m falling for you, I’m falling for you.’ Geen scheldwoorden, maar liefdesuitingen. Bloemblaadjes omringen de tranen. De keyboardklanken die de woorden begeleiden, vormen een oase van sereniteit.

Overduidelijk is er eros in het spel. Polachek beschrijft dat ze zich in haar verliefdheid als een monster gedraagt en dat iemand haar een tough guy noemt, maar ‘to the opposite effect’. ‘I’m blaming all beauty upon you’ en ‘love will be the key’ zijn voorbeelden waar de erotische verhouding in meer of mindere mate op poëtische wijze de hoofdrol opeist. Desalniettemin is het geen liefdesliedje in de traditionele zin van het woord. Het draait niet om de liefde zelf, maar om de metafoor van de publiekelijke realisatie ervan. Vandaar dat de titel niet is: ‘I’m falling for you’, maar ‘Crying in public’.

Dat het hier niet hoofdzakelijk draait om vlinders in de buik bij het ontmoeten van die bijzondere ander, lichtte Polachek nader toe in een interview op rookiemag. Over ‘Crying in public’ zegt ze: ‘The song was written about one of those moments that I think a lot of people have, not necessarily when they’re falling in love, but this moment where you’re being humbled. Where you’re sort of caught up in the bullshit of your day and there are all these little worries, all these things you have to get done, and something so small all of a sudden wakes you up to the fact that life is overwhelmingly beautiful.’ Van begin tot eind ademt het nummer deze sfeer van overweldigende schoonheid.

Dankbaarheid

Later, op het album ‘Moth’ in het nummer ‘Show U off’, gooit Polachek gek genoeg alle schroom van zich af. In een allusie op ‘Crying in public’ zingt ze: ‘I wanna let this go public and not be ashamed’. Fuck de publieke opinie is de boodschap, ‘I wanna show you off’. Het contrast kan haast niet groter zijn. Op ‘Crying in public’ toont ze zich juist zo gevoelig voor het feit dat het gevoelsleven aan de ene kant alles en aan de andere kant niets is. Voor jou als persoon betekent het de wereld, voor de rest van de wereld betekent het één persoon. ‘Show U off’ lijkt meer op een puberaal ‘Ik bepaal zelf lekker wel wat ik doe’ dan op de schaamtevolle waardigheid van het publiekelijk janken.

Het is niet geheel per ongeluk, of beter, in het geheel niet per ongeluk dat de lofzang op de schoonheid van het leven in de publieke ruimte tot stand komt. Bij uitstek daar dien je wat het essentieels is voor jou als individu onder stoelen of banken te steken. Doe je dat niet, dan breek je door het heersende heen, met alle mogelijke excessen van dien. Precies wat die potloodventer ook deed. In zekere zin is in de trein zowel het tonen van een traan als het luchten van een geslachtsdeel een overtreding van het gedrag dat van de reiziger verwacht wordt. Beide exploiteren de conventies om de aandacht op zich te vestigen.

Er is één groot verschil. Met dat ‘Crying in public’ de wet der publiekelijk gedrag trotseert, stijgt het daar bovenuit. Want niet uit narcistische overwegingen schendt Polachek de conventies, maar uit het besef van dankbaarheid. Ze ondermijnt de heersende normen niet om zelf in het middelpunt te kunnen staan, maar juist om iets groters in het middelpunt te plaatsen. Een uitroep van dankbaarheid die enkel middels een verstoring van de onverschilligheid geopenbaard kan worden.

Ontvang onze nieuwsbrief

Ben je het oneens met de schrijver of heb je een interessante toevoeging?

Schrijf je artikel!

Wees niet bang:
Je wordt goed begeleid door de eindredactie. Bovendien krijgt je artikel een visuele prikkel van onze beeldredactie.