Ballen-kanker-ongekunsteld

Ballen: van huilen naar lachen en weer terug

Hoe dienen mensen om te gaan met een ziekte als zaadbalkanker? Hoe moeten mannen onderling het hier over hebben? Filmmaker Janne Schmidt doet, in movember, een suggestie.

Taboe?

De film Ballen is geproduceerd in samenwerking met Stichting Zaadbalkanker. Teun staat aan de vooravond van zijn behandeling tegen zaadbalkanker. De volgende dag zal hij naar zijn ouderlijk huis vertrekken. Zijn huisgenoten, hij woont in een mannelijk studentenhuis, hebben een laatste avondmaal voor hem georganiseerd. Het belooft een feestelijke avond te worden en de heren praten aan tafel vooral over meisjes en met welke van hen ze seks hebben gehad. Plotseling valt er een stilte en realiseren de huisgenoten van Teun zich dat het onderwerp seks voor hem een extra lading heeft gekregen. Dit is het keerpunt van de film. Teun doet een geforceerde poging om het vanaf dat moment niet over hem te laten gaan maar over luchtiger zaken. Dit lukt niet en de jongens beginnen enigszins moeizaam een gesprek over zaadbalkanker door Teun te bevragen. Huisgenoot Sjoerd snelt naar een andere kamer, komt terug met een tondeuse en stelt ‘Je gaat toch kaal worden.’. De volgende ochtend komen de ouders van Teun hem ophalen. Ze bellen aan en Teun doet open: hij is kaal. De ouders ogen verbaasd. Hij brengt zijn spullen naar de auto en zijn vrienden, ook kaal, volgen met de rest van de spullen. Daarna nemen ze afscheid.

Vernuft

De korte film, bijna dertien minuten, is opgezet met het idee om het taboe dat bestaat rondom zaadbalkanker onder de aandacht te brengen en wellicht te verminderen. Een nobele doelstelling. Het intro van de film, waarin we Teun zien hardlopen wordt gekenmerkt door een mineurstemming. Hierna is de titel van de film te zien: Ballen. Een, mijns inziens, sterke, toepasselijke titel die op meerdere manier te interpreteren is. Na het intro is er een snelle omslag in stemming: plotsklaps bevinden we ons in het studentenhuis van Teun waar de stemming opperbest is. Aangezien de film van korte duur is en er iets aan de kaak gesteld dient te worden moeten dingen nu eenmaal sneller gaan. De snelle emotionele overgangen, van triestheid naar feeststemming en weer terug, zijn kenmerkend voor de film en intensiveren ook de beleving van de kijker. Als kijker krijg je hierbij niet het gevoel dat de overgangen geforceerd of overhaast zijn. Dit heeft Schmidt vernuftig gedaan.

Hé lullo!

Minder subtiel zijn de karakters van de huisgenoten van Teun: typische corpsstudenten. Door één van hen de tekst ‘Heb je gister nog geneukt?’ uit te laten spreken, een letterlijke verwijzing naar de lullo’s van Jiskefet, vervliegt het laatste beetje subtiliteit. Het is jammer, want het gaat ten koste van de geloofwaardigheid. Het gesprek aan tafel is het langste gedeelte van de film en is mooi uitgewerkt, de geloofwaardigheid komt hier langzaam terug. De uitwerking zit hem met name in het de teksten die gebezigd worden, deze zijn zorgvuldig gekozen. De acteurs vervullen hun rol hier op een prima manier, zo is de timing zeer goed. Aan de tafel vallen pijnlijke stiltes die ook voor het publiek voelbaar zijn. Bovendien is het gekozen beeld van een half belichte tafel met daarop Teuns laatste avondmaal een sterke. Het lijkt te knipogen naar al die laatste avondmalen uit de kunstgeschiedenis.

Hoger doel

Schmidt toont in de rest van de film hoe men om zou kunnen of moeten gaan met zaadbalkanker: probeer er, ondanks de ernst, over te spreken en er een manier voor te vinden om er mee om te gaan. De kale jongemannen die het studentenhuis uitlopen: het levert een aardig beeld op en een glimlach van het publiek. De film kent sterke aspecten en wat mindere, maar vooral belangrijk is dat deze film een hoger doel heeft. Schmidt doet met deze film een sympathieke suggestie over hoe wij kunnen omgaan met deze ziekte. Hiervoor verdient zij krediet van het publiek en ondergetekende.

Ontvang onze nieuwsbrief

Ben je het oneens met de schrijver of heb je een interessante toevoeging?

Schrijf je artikel!

Wees niet bang:
Je wordt goed begeleid door de eindredactie. Bovendien krijgt je artikel een visuele prikkel van onze beeldredactie.