Maastunnel-opera-ongekunsteld

Beter dan cross-overs: versmelting

Om de Erasmusbrug te mogen aanschouwen vertrekken vele met camera gewapende Japanners; de Maastunnel wordt daarentegen zwaar onderschat. Een enkeling weet zich de autotunnel te herinneren, maar voor velen zijn de fietsers- en voetgangerstunnel onbekend goed. Gelukkig vond Opera Minora dat ook onterecht en werd de tunnel omgevormd tot een decor voor een pas recent ontdekte versie van de barokopera Orfeus door Georg Philipp Telemann. Onder leiding van regisseuse Claudia Christern werd de zogenaamde onderwereld van Rotterdam tot leven gebracht. 

Onder de aarde en terug in de tijd

De Maastunnel wordt door vele fietsers en voetgangers gebruikt als puur functionele route om van de ene naar de andere kant van Rotterdam te komen. Maar de tunnel is meer dan dat. Spreek ik over een roltrap, dan denk je misschien aan kille zilverkleurige gevaartes; de treden van de Maastunneltrap zijn bedekt met houten schrootjes. Het is een nagenoeg antiek bouwwerk. De tunnel werd begin vorige eeuw ontworpen door architecten J.P. van Bruggen en Ad van der Steur en in 1942 geopend.

Sta je op de roltrap naar beneden, dan zie je in de gebogen wanden boven je hoofd de mozaïeken van Jaap Gidding. Jouw blik kruist die van de opwaartse stroom reizigers. Dit op zich is al een magische ervaring en dan zijn we nog niet eens door de hallucinerende tunnel zelf gelopen.

De snelweg is een podium

De roltrap aan de Zuidkant staat tegenwoordig vaak uit, want de trap is oud en moe. Vandaag is er een uitzondering gemaakt en brengt hij allemaal orkestleden omhoog. Ze dragen hun eigen instrumenten en lessenaars. Hun verzorgde kledij steekt prettig af tegen de van top tot teen in Adidas gehulde Rotterdammers die in tegengestelde richting reizen. Er zijn daardoor geen vloekende kleuren: iedereen is in zwart en wit.

We waren getuige van het laatste gedeelte van de opera die aan de noordkant van de Maas was begonnen met een overleden Eurydice. Orfeus reisde af naar de onderwereld om Hades te smeken zijn geliefde terug te geven. Het publiek volgde Orfeus de tunnel in. Orfeus wist Hades over te halen door hem te ontroeren met zijn prachtige muziek. Er was een voorwaarde: hij mocht niet omkijken tot ze uit de onderwereld waren. Natuurlijk keek hij op een zeker moment wel, en zo verloor hij Eurydice voor eens en altijd.

De grenzen van de voorstelling

Het is altijd maar de vraag of tolerantie hoog in het vaandel blijft staan bij theater op locatie: het komt niet zelden voor dat de passant en het publiek zich aan elkaar storen. De passant heeft haast en ziet mensen in de weg staan, terwijl het publiek stilte en ruimte eist. “Ik heb toch betaald!”

In dit geval kwam alles juist tot een harmonisch geheel. Het eigenlijke publiek en toevallige passanten mengden zich. Voor de passanten was er nog een derde menging, want op een gegeven moment begon de hele achterste rij van wat eerst het publiek leek, meerstemmig te zingen. Het was luid, om niet van oorverdovend te spreken, maar zo beheerst dat ik in tranen uitbrak. De roltrap bracht een andere tranende passant naar boven.

Hoe alles bij elkaar kwam

Keek je door het raam, dan zag je aan de overkant van het water op het ventilatiegebouw ook nog de ene helft van het fantastische kunstwerk HIER en DAAR van Vera Kroese staan: “DAAR” schreven witte neonletters. Wie het kunstwerk kent, weet dat dit niets anders kan betekenen dan dat er “HIER” moest staan op het identieke ventilatiegebouw waar we ons bevonden. De woorden wisselen van plek: “Als de een HIER is, is de ander DAAR. En nooit blijft de één altijd HIER en de ander altijd DAAR.” Soms is alles inwisselbaar.

Na het applaus zette een deel van het publiek om puur functionele redenen voet op de houten schrootjes.

Ontvang onze nieuwsbrief

Ben je het oneens met de schrijver of heb je een interessante toevoeging?

Schrijf je artikel!

Wees niet bang:
Je wordt goed begeleid door de eindredactie. Bovendien krijgt je artikel een visuele prikkel van onze beeldredactie.