fobie-inleiding-boyd-koers-ongekunsteld

Inleiding op een serie over angst

Mensen met een fobie zijn over het algemeen geneigd om dat waar ze bang voor zijn de rug toe te keren. Maar wat gebeurt er als een fobist zijn angst in de ogen kijkt? In deze serie onderzoeken we hoe een fobie voor een kunstenaar als goudmijn kan fungeren.

Wat een fobie is

Nee, een waarachtige fobie is niet leuk. Een echte fobist zal waarschijnlijk al rood zijn aangelopen van woede. Voordat we allerlei fobieën gaan bejubelen, moeten we eerst helder stellen wat een fobie eigenlijk is.

Een fobie is een psychische aandoening waarbij iemand een irreële angst voor een specifieke situatie, objecten of mensen ontwikkelt. Situaties of dingen dus die door mensen zonder fobie niet als bedreigend worden ervaren. Een angst wordt pas een fobie genoemd als iemand elke keer dat de situatie zich voordoet angstig wordt, maar ook buiten die situatie bang is dat de situatie zich misschien zal gaan voordoen. Het woord ‘fobie’ komt van het Griekse phóbos, wat angst of vrees betekent.

Er zijn enorme lijsten met angsten te vinden, zoals op angstlijst.nl. Ze worden onderverdeeld in drie klassen. 1 Agorafobie. Hieronder worden alle angsten geschaard die te maken hebben met naar buiten gaan. Er wordt ook wel gesproken van ‘straatvrees’. 2 De sociale fobie. Mensen die hieraan lijden, zijn in feite bang voor reacties of kritiek van anderen. 3 Een specifieke of enkelvoudige fobie. De angst beperkt zich tot zeer specifieke situaties, objecten of mensen, zoals de angst voor spinnen, liften, slikken of storm. Een soort vergaarbak voor fobieën dus.

Vaak ontwikkelt een fobie zich door een associatie met een al dan niet traumatische ervaring. Als je eenmaal een fobie hebt, is de kans dat je er nog eentje ontwikkelt gelijk groter. Mensen met een fobie hebben vaak last van hyperventilatie, paniekaanvallen, functieverlies, afname van de beleving van geluk en vermijdingsgedrag, waardoor de fobie in stand wordt gehouden en op den duur kan verergeren.

De fobie als goudmijn

Als je weleens een paar jaar van je leven hebt doorgebracht op een kunstacademie, dan walg je waarschijnlijk van het woord ‘fascinatie’. Het woord wordt daar namelijk volledig misbruikt en uitgehold. Op elke academiehoek hoor je het gonzen: ‘Wat is jouw fascinatie?’ Ze bedoelen daarmee natuurlijk gewoon een thematiek waarmee je langer wilt werken – het woord ‘fascinatie’ is verkeerd gekozen. Als je echt gefascineerd bent door iets, is dat immers geen keuze.

Een kunstenaar moet lijden. Een kunstenaar vreet zichzelf vanbinnen op. Hij heeft een creatieve drang die zo sterk is als de drang om te leven. Hij kan zijn handen niet bedwingen, in het holst van de nacht móét hij schilderen. Mike Kelley zei over het kunstenaarschap in de tijd dat hij opgroeide: ‘Als je jezelf echt buiten de maatschappij wilde plaatsen, dan werd je kunstenaar.’

Een kunstenaar moet iets van controle kwijt zijn en zich kunnen overgeven aan zijn roeping. En laat controle nou het centrale thema zijn bij alle fobieën. Om het gemakkelijker te maken hadden ze misschien beter kunnen vragen: ‘Wat is jouw fobie?’

Ontvang onze nieuwsbrief

Ben je het oneens met de schrijver of heb je een interessante toevoeging?

Schrijf je artikel!

Wees niet bang:
Je wordt goed begeleid door de eindredactie. Bovendien krijgt je artikel een visuele prikkel van onze beeldredactie.