midlife-crisis-ongekunsteld

Midlife crisis als doelloze dwaling

Het op instorten staande Hotel Rozenstok in het Noord-Nederlandse dorp L., biedt een goede weerspiegeling van het geestelijke welzijn en literair succes van schrijver Christophe Vekeman. In de midlife crisis van zijn carrière vertrekt de Vlaamse schrijver voor zestien nachten naar dit dorp om “tot zichzelf te komen”.

ZUUR

Het boek, dat ook Hotel Rozenstok heet, wordt geopend met een opsomming van allerlei ideeën voor boeken, stuk voor stuk seksueel getint. Niet een gebrek aan inspiratie, maar een gebrek aan motivatie is wat de schrijver Christophe Vekeman belemmert in zijn schrijverscarrière en daarmee zijn hele leven. De boeken die het dan halen tot publicatie leveren hem geen trouwe lezers op. Op wonderbaarlijke wijze had hij korte tijd succes aan de andere kant van de grens en niet veel later verdween dit succes als sneeuw voor de zon.

Door deze teleurstellingen kan Christophe het niet laten alle schrijvers die ooit een Grote Prijs hebben gewonnen over één kam te scheren. Hij maakt ze uit voor idioten met grootheidswaanzin en beticht ze van valse bescheidenheid vanaf het moment dat ze genomineerd zijn voor de Grote Prijs. Deze pretentieuze schrijvers dwepen allen met Nabokov en hun boeken worden per direct bestsellers, terwijl zij niet eens echt ‘goede’ schrijvers zijn, zo klaagt Christophe.

“Hij spreidde nu een buitengewoon geaffecteerd soort quasizelfverzekerdheid tentoon, erg pijnlijk om te zien. De mannen maten zich een kwieke, veerkrachtige tred aan, die deed denken aan de loopwijze van een weinig begaafde huis-aan-huisverkoper, de vrouwen hulden zich in afschuwelijk hysterische kleren die hun met veel vertoon gepresenteerde valse bescheidenheid zeer adequaat ontmaskerden, en allemaal begonnen zij van de ene dag op de andere – in eigen ogen fanatiek – te sporten; met onverklaarbaar groot plezier en glimmend van een raar, griezelig soort van trots lieten ze zich fotograferen aan de rand van een openbaar zwembad, in veelkleurig looptenue of op de tatami. Zonder uitzondering straalden ze minzame ongenaakbaarheid uit; mentaal leken ze wel van staal; als je tegen hun schenen stond te pissen, zag je ze wegdromen over het standbeeld dat – ze waren ervan overtuigd, het leed geen twijfel – ooit, nee stráks van hen zou worden vervaardigd.”

Vast erg irritant, als je zelf nooit zo’n status hebt bereikt. Maar wees toch niet zo zuur, Christophe.

Zwierige taal

Christophe haalt zich in zijn hoofd dat hij het schrijven op moet geven en een echte baan moet zoeken. De conclusie dat hij niets anders kan dan schrijven, bereikt hij echter al aan het begin van het boek. Toch heeft hij nog een tripje naar het buitenland nodig, eenzaam, zonder telefoon, om tot de conclusie te komen dat het echt zijn enige optie is. Wat er allemaal precies gebeurt tijdens het tripje, doet er eigenlijk weinig toe voor de kern van het verhaal. Wat er gebeurt, wordt wel spannend beschreven. De karakters die bij de gebeurtenissen betrokken zijn komen goed uit de verf: het taalgebruik van Christophe Vekeman is erg rijk. Het doet door de woordkeuze en zinsconstructies vaak wat archaïsch aan voor de Nederlandse lezer, maar dat wordt geheel goed gemaakt door de grote woordenschat en kennis van spreekwoorden en uitdrukkingen waar de schrijver over beheerst.

“Helaas was hiermee de kous nog altijd niet af wat mijn schrijversverleden aanging, en mevrouw Vandijck ontpopte zich nu zelfs als een zeer vasthoudend type. Duidelijk, dat rook je van heinde en verre, niet van muziek houden – geen plaat, geen drie platen in huis, van wie dan ook, en zelden of nooit de radio aan –, hoogstwaarschijnlijk helemaal niet vatbaar wezen voor door kunst gewekte zielsberoering of gewoon nog maar voor niet te miskennen esthetische schoonheid, en tóch hardnekkig blijven doorgaan op de soort literatuur die een volslagen vreemde tot voor kort placht te bedrijven: eigenlijk was het te absurd om waar te zijn, en toen mevrouw Vandijck erop aandrong om nog wat meer te vertellen over die ‘psychologische romans’ van mij, begreep ik bijgevolg dat ik op mijn hoede moest wezen. Ik zat hier zonneklaar tegenover een dame die lont had geroken.”

Zijn eigen Dwaling?

Of alles echt gebeurd is of een deel van het verhaal slechts een fantasie van Christophes geest is, blijft onduidelijk. Het feit dat de naam van de hoofdpersoon en de schrijver dezelfde is, lijkt te suggereren dat het verhaal autobiografisch is. Is dit de manier van Vekeman om met een psychische crisis te dealen? Of is het een spannende thriller met weinig relatie tot de werkelijkheid? Interessante verwarring, was het niet dat de zoektocht in het verhaal zinloos was. Van hoofdpersoon of schrijver. Uiteindelijk blijkt namelijk dat Vekeman zichzelf al prima kent en wellicht enkel de sleur wilde doorbreken, zo merkt de lezer bij het braakopwekkend ontroerende einde: Vekeman had enkel de liefde van zijn altijd vergevingsgezinde en veel te lieve partner Wanda nodig en na één telefoontje stapt hij op de trein naar huis. Dat hij dan vóór het einde van zijn vakantie met hangende pootjes terug komt bij zijn vriendin en besluit toch maar weer te gaan schrijven, is voor mij een te grote anticlimax waar ook nog eens het hele boek naartoe gewerkt wordt. Dit levert het gevoel op dat het boek niet afgerond is. Een diepe, filosofische analyse over de bedoeling van het leven zul je dus in dit boek niet vinden, hoewel het verhaal er van het begin af aan wel op af lijkt te stevenen.

De conclusie die ik over dit boek moet trekken is dat het ‘wel leuk’ is en dat het verhaal ‘wel lekker wegleest’, maar dit komt vooral door de schrijfstijl, niet door de inhoud. De zuurheid van hoofdpersoon en auteur Christophe gaat al vrij snel tegenstaan. Dit gebeurde bij mij zo rond hoofdstuk twee, dat hij geheel gewijd heeft aan zijn haat-/liefdeverhouding met succes, het soort persoon dat succes van andere schrijvers maakt en eigenlijk de hele bekrompen en vervelende mensheid. Het feit dat de hoofdpersoon en schrijver dezelfde naam hebben, geeft het boek het karakter van een klaagzang over zijn eigen leven, waarin alles toch weer goed komt. Dit maakt het boek tot een tamelijk nutteloze beschrijving van een dwaling van korte duur met een cyclisch non-einde.

Ontvang onze nieuwsbrief

Ben je het oneens met de schrijver of heb je een interessante toevoeging?

Schrijf je artikel!

Wees niet bang:
Je wordt goed begeleid door de eindredactie. Bovendien krijgt je artikel een visuele prikkel van onze beeldredactie.